Auteursarchief: bil_ad

Marc de Kesel over Simone Weil

Het was genieten gisteravond.
Marc De Kesel vergastte ons op een doorwrochte spreekbeurt over de zielenroerselen van Simone Weil. Na een uur voelde het aan als een respectloze daad om deze geestdriftige presentator erop te wijzen dat hij niet de hele avond kon vullen zonder een koffie- en theepauze en zonder het publiek de kans te geven vragen te stellen.

Simone Weil is geen mainstream filosofe. Terecht begon De Kesel dan ook met haar biografie. Geboren 1909 in Parijs in een seculier, intellectueel Joods gezin, opgegroeid samen met haar briljante broer, de mathematicus André Weil. Extravagant en rebels combineerde ze haar docentschap filosofie met vakbondsactiviteiten, fabrieksarbeid, een verblijf in Berlijn begin jaren dertig, een twistgesprek met de vers verbannen Trotski!, met dienst in de Internationale Brigades tijdens de Spaanse Burgeroorlog etc. etc. Haar leven was strijd. In 1943 sterft ze in een ziekenhuis ten zuiden van Londen, uitgeleefd.

Wat haar dreef? Mystieke rebellie.

Daarover sprak De Kesel met een erudiete woordenstroom waar menig luisteraar van duizelde. Ook mij ging het boven de pet. Vooral ook omdat De Kesel spitte in de Cahiers die Simone Weil heeft nagelaten – bij mijn weten is nog niet alles (wetenschappelijk verantwoord) gepubliceerd (W.S.) – waarin zij als in een dagboek alles wat haar overkwam, beroerde, wat ze opdiepte uit oude bronnen – Homerus, Plato, de Bhagavad Gita, de Evangliën –, aforismen, politiek-filosofische fragmenten en wat niet al, systematisch ongebreideld neerpende.

Marc De Kesel heeft vooral benadrukt hoe radicaal modern en tegelijkertijd averechts anti-modernistisch Simone Weil was, vooral door haar antenne voor mystiek en religie. Haar dolerende passie, haar god-loze religiositeit, haar filosoferen over de eenheid van noodzakelijkheid én vrijheid, van zwaarte én gratie, van bitterheid én verhevenheid, van doffe ellende én schoonheid/waarheid/goedheid wist De Kesel gloedvol en toch ook doorspekt met kritische distantie voor het voetlicht te brengen.

Je merkte het na de pauze. Vragen te over, herkenning en verwondering bij ons, luisteraars, van en voor de authentieke zoektocht die deze rebelse filosofe heeft ondernomen.
Of De Kesel met deze presentatie de wortels van de politiek heeft blootgelegd – volgens Simone Weil? Het antwoord hierop bleef De Kesel schuldig, hij liet het verborgen in de schoot der goden. Het is niet anders. Het is aan ons, democraten, hierop te antwoorden.

Een betere vertolker van Simone Weil dan deze Marc De Kesel hadden we ons niet kunnen wensen.

Warrie Schuurman

Verslag inleiding Remieg Aerts 12.12.2022

Vanavond verzorgt Remieg A.M. Aerts de inleiding. Hoogleraar in Amsterdam en Nijmegen, o.a. gelauwerd biograaf van Thorbecke. En terecht! (W.S.)

Hij betoont zich een getrouwe volgeling van zijn leermeester Ernst H. Kossmann met zijn voorliefde voor politieke geschiedenis. ‘Een geschiedenisleraar die met een nat washandje al te koortsige opvattingen afkoelt’, relativerend, liberaal.

De wereldgeschiedenis in vogelvlucht stemt droevig. Geweld overheerst vanaf het begin. Onlangs nog: een museumbezoek tijdens de vakantie in Brescia toont uit de bronstijd louter helm, schild, speer en zwaard.

Tot ongeveer het midden van de 18e eeuw overheersen twee visies de Westerse kijk op geschiedenis: een circulaire van opkomst, bloei, neergang en ondergang en een lineair-eschatologische van schepping en (een tranendal van) aards bestaan naar voleinding.

Met de Verlichting en de Industriële revolutie wordt het aardse bestaan uit zijn sombere platoons/christelijke bedding gelicht en verzelfstandigd. Optimistisch gaat de Europese mens aan de slag in een maakbare wereld. Dit wordt in de 19e eeuw tot vooruitgangsgeloof.

De keerzijde blijft niet onopgemerkt. Rousseau, Marx, Nietzsche, Freud, Les Grand Maîtres du Doute, komen in het geweer…, …maar de regerende elite en de massa blijven aanhangers van het geloof in economische groei, zelfs na twee verwoestende Wereldoorlogen. Er is ook zoveel verbeterd: hygiëne, scholing, emancipatie, voeding, democratisch bestel, armoede- en hongerbestrijding, etc. etc. Steven Pinker, Hans Roslin en Johan Norberg e.a. worden niet moe deze lange termijnverbeteringen op te sommen. Ook onze eigen Rutger Bregman draagt op eigen vertroostende wijze zijn steentje hieraan bij.

Zijn er conclusies te trekken uit deze Europees-universalistische (?!) helicopter view over de geschiedenis? De tussen haakjes geplaatste leestekens wijzen erop dat de historicus Aerts bij de tijd is. Hij verwijst op enkele plekken in zijn beschouwing naar The Dawn of Everything van David Graeber en David Wengrow – met een volstrekt alternatieve blik op de mensheid en haar geschiedenis. Ook al gaat hij er verder niet op in.

Aerts oppert als conclusie drie mogelijke levenshoudingen:

(1) Een compromisloos realisme. Geen goede bedoelingen maar macht, invloed en organisatie moeten en zullen ons uit de problemen helpen.

(2) [In het voetspoor van De dialectiek van de Verlichting van Theodor Adorno en Max Horkheimer] De instrumentele rede van wetenschap en techniek moet niet aflatend onder kritiek worden gesteld van de morele rede. Zo, met vallen en opstaan, zullen we dan maar moeten doormodderen.

(3) Illusieloos idealisme. Een vooral individuele levenshouding die ingang heeft gevonden via de liberale protestantse theologie: als er geen welwillende voorzienigheid meer bestaat (sinds de dood van God in de 19e eeuw) moet de mens zelf maar gaan graven in zijn innerlijk en er het beste van zien te maken.

Het was een pittige avond die veel van ons eiste aan conceptueel begrip. Dat bleek ook uit de aarzelende reacties in de discussie na de pauze die, overigens, zeker in het laatste kwartier een luikje open zette naar de betrokken mens en burger Remieg Aerts.

Hopelijk biedt deze terugblik enig houvast voor de herinnering aan deze presentatie van de prometheïsche mens en diens worsteling met de inhoud van de doos van Pandora.

Warrie Schuurman

 

Riemke presenteert Eva Rovers (verslag Warrie Schuurman)

Bilthoven, Woudkapel, Bilthovense Kring, Maandag 14/11/2022

In de cyclus 22-23 Anders denken, anders doen was het de beurt aan Riemke Leusink, stand-in voor  Eva Rovers met haar boekje over het cruciaal belang van het fenomeen Burgerberaad:

NU IS HET AAN ONS, OPROEP TOT ECHTE DEMOCRATIE

Met het haar vertrouwde positief-kritische elan weet Riemke glashelder de kern van het hoe en wat van burgerberaad te presenteren, ondersteund door een power-point die elders op de website staat.

De wijze waarop tussen 2016 en 2018 de legalisering van abortus tot stand kwam in Ierland illustreert hoe en wat een burgerberaad is:

Honderd door het lot aangewezen Ieren, inclusief een onafhankelijke voorzitter, bogen zich in 2016 en 2017 gedurende vijf weekenden in een groot hotel in Dublin over de legalisering van abortus. Experts, ervaringsdeskundige vrouwen, artsen en juristen fungeerden als vraagbaak. Dit leidde uiteindelijk tot een voorstel voor radicale liberalisering.

Hierop organiseerde de regering een bindend referendum. Via het parlement werd de uitkomst: Parlement, legaliseer abortus! door regering en parlement van Ierland geratificeerd.

De belangrijkste voorwaarde voor deze gang van zaken is … let op! …: politici en overheden die burgers vertrouwen om via deliberatie in een burgerberaad oplossingen te zoeken en te vinden die het publieke welzijn dienen.

Riemke noemt twee filosofen die onze geest kunnen rijpen om deze weg te bewandelen, Hannah Arendt en Simone Weil.

Hannah Arendt in een notendop: politieke keuzes moeten ‘van tussen de mensen opkomen’ in vrijheid en pluraliteit, in een ruimte voor ‘interdividueel’ handelen en spreken.

Simone Weil in eenzelfde dop: waarheid, schoonheid, gelijkwaardigheid, compassie …worden door vervreemding en ontworteling ondergeschoffeld; de ommekeer, verworteling – wat wij elkaar verplicht zijn – kan alleen dankzij een radicaal andere manier van denken en doen in de publieke ruimte.

Daarna preciseerde Riemke de voetangels en klemmen én de mogelijkheden en beloften van het burgerberaad. Ze eindigde met twee citaten:

De eerste is een geliefde uitspraak van Arendt – nog vóór de woekering van dataïsme, digitalisering, algoritmen en overige techniek van vervreemding! – : Private faces in public places are wiser en nicer than public faces in private places (W.H.Auden)

De tweede van John F. Kennedy: Vraag niet wat jouw land kan doen voor jou, maar wat jij kan doen voor je land.

En wat betreft dit laatste citaat. Na de pauze gingen we in kleine groepjes uiteen om onderling uit te wisselen wat we vonden van: Nu is het aan ons, deze oproep tot echte democratie van Eva Rovers.

Na een verkwikkende avond keerden we huiswaarts.

Warrie Schuurman

Rechten voor de Natuur: ook in Europa mogelijk?

Dorine van Norren is strategisch adviseur Noord- en Zuid-Amerika bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, Associate Researcher op het gebied van recht en ontwikkelingsvraagstukken bij Van Vollenhoven Instituut Leiden en kunstenaar bij Rathenau Instituut.

De mens is onderdeel van de natuur – en niet andersom. De aarde bepaalt de richting van het bestaan van de mens. De mens dient dan ook zijn systemen af te stemmen op de natuurlijke cycli, of het nu gaat om recht, bestuur of economie. Alles is gericht op behoud van harmonische relaties.

Sinds 2006 worden in Afrika, Azië, Oceanië, Noord- en Latijns- Amerika expliciet rechten toegekend aan de natuur. Dat kunnen rivieren, bergen, stenen of lucht zijn. Dit jaar gebeurde dat voor het eerst in Europa, voor het Spaanse natuurgebied Mar Menor, een zoutwatermeer dat door ernstige vervuiling wordt bedreigd.

Dorine van Norren schetst de huidige stand van zaken. Hoewel klimaatzaken steeds meer terrein winnen, heeft Europa in deze vorm van rechtspraak nog een lange weg te gaan. Juridisch worden nog voornamelijk rechtszaken gevoerd op basis van conventioneel milieurecht en mensenrechten.

Dit jaar zijn in Europa voor het eerst expliciet rechten aan een natuurgebied toegekend. Dat gebeurde in Spanje voor het natuurge-bied Mar Menor, een zoutwatermeer dat door ernstige vervuiling wordt bedreigd.

In andere landen is deze trend al langer gaande. Het begon in 2006 op lokaal niveau bij gemeenten in de VS. Het werd vooral gestimuleerd vanuit de milieubewe-ging en de indianen (First Nations), maar kreeg pas echt vleugels toen inheemse volken in Latijns-Amerika het (juridische) begrip omarmden. In 2008 kwamen rechten voor de natuur in de grondwet van Ecuador terecht. Sindsdien heeft alle natuur – dus niet slechts een gebied – rechten.

In 2010 werd tijdens de alternatieve klimaattop in Cochabamba (Bolivia) de verklaring van Moeder Aarde opgesteld. 22 April werd uitgeroepen tot internationale Dag van Moeder Aarde. Ook nam de VN de resolutie Harmony with Nature aan (2012), vooral op initiatief van Bolivia. Rechten voor de Natuur moeten echter gezien worden binnen een breder begrip van de inheemse wijze van leven, in harmonie met de Natuur. Met een hoofdletter, omdat deze als heilig wordt gezien.

Volgens inheemse volken in Noord- en Zuid-Amerika is goed leven (een werkwoord) vooral: leven in harmonie met de natuur. De Quecha volken in de Andes noemen dit Sumak Kawsay, in het Spaans vertaald als Buen Vivir/Vivir Bien. In hun visie is het leven biocentrisch georganiseerd. Dat betekent dat de mens niet boven de natuur staat, zoals in het antropo-

centrische Westerse gedachtengoed, of ervan afge-scheiden is. En ook dat er geen onderscheid is tussen cultuur en natuur. De mens is onderdeel van de natuur en de aarde bepaalt de richting van het bestaan van de mens. De mens dient dan ook zijn systemen af te stemmen op de natuurlijke cycli, of het nu gaat om recht, bestuur of economie. Alles is gericht op behoud van harmonische relaties. Hierbij wordt ook aan ‘niet-levende objecten’ (volgens de Westerse visie) leven (of een ziel) toegekend. Dat kunnen bergen, meren, stenen of de lucht zijn. Alles is levend en staat met elkaar in verbinding. Er is sprake van een wederke-rige relatie van geven en nemen. Dit geldt voor mensen onderling, maar ook voor mens en natuur.

Buen Vivir

Buen Vivir/Vivir Bien vormt de grondslag van de grondwetten in Ecuador en Bolivia (2008), al hebben deze grondwetten ook ontwikkelingsgedachtengoed wat daar soms weer mee op gespannen voet staat. Op economisch vlak benadrukt Buen Vivir solidariteit, voedsel- en energiesoevereiniteit (autonomie en lokale productie van een gemeenschap op dit gebied) en het tegengaan van financiële speculatie, (want ondermij-nend voor basisbehoeften: woningen, voedsel et cetera).

Buen Vivir wil een alternatief bieden voor het begrip economische groei als maatstaf voor welzijn van mens en natuur. Het is ook een alternatief voor het begrip ‘duurzaamheid’: lineaire groei bestaat niet, alles in de natuur groeit, vergaat en groeit opnieuw. Dus duur-zame groei is een tegenstrijdig begrip. Op politiek vlak streeft men naar directe participatieve democratie. Met de implementatie van het Buen Vivirbeleid in Ecuador, tijdens de tien jaar van het bewind van president Correa (2007-2017), zijn gemengde resulta-ten behaald. De natuur moest uiteindelijk vaak wijken voor het belang van intermenselijke solidariteit, die vooral gefinancierd werd uit de inkomsten uit olie en mijnbouw. De politiek gaf daar de internationale gemeenschap de schuld van, die had niet willen

meewerken aan een fonds ter compensatie van ‘leaving the oil under the ground’. Ook werd de rechtspraak politiek beïnvloed, zoals uit nog volgende voorbeelden blijkt (zie ‘Rivier in de rechtbank’). Tegelijkertijd wierp de nieuwe grondwet een schaduw vooruit naar volgende kabinetten die zich aan stringentere milieu-eisen moeten houden, vanwege het toezicht door de (inmiddels weer onafhankelijke) rechterlijke macht.

Natuur in het rechtssysteem in Ecuador

Naast Buen Vivir introduceerde Ecuador rechten voor de natuur in de grondwet. In Ecuador overtuigden milieu-activisten de inheemse volken. Uiteindelijk kwamen zij tot de conclusie dat deze wijze van rechtdoen weliswaar niet inheems is, maar in een (gekoloniseerd) Westers rechtssysteem het best recht doet aan het begrip harmonie met de Natuur. Volgens inheemsen geeft de aarde rechten aan de mens – en niet andersom.

De grondwet van Ecuador geeft aan dat de natuur recht heeft op respect van natuurlijke cycli, recht op herstel bij beschadiging, en recht op bescherming van uitstervende soorten. Daarnaast bevat het nog een antropocentrische bepaling dat de mens recht heeft op een schoon leefmilieu en ‘goed leven’. Burgers worden plichten toegedicht, zoals zorg voor de natuur. Gebruik van genetisch gemodificeerde gewassen is eveneens verboden door de grondwet.

Het voordeel van deze bepalingen boven de Westerse aanpak van rechten op een schoon leefmilieu is vooral dat ook natuurbeschadiging die niet direct aan menselijke belangen raakt aan de kaak gesteld kan worden. Iedere burger mag namens de natuur spreken en een rechtszaak voeren. Hiermee wordt de intrinsieke waarde van de natuur erkend. In eerste instantie stuitte dit op weerstand bij meer conservatieve delen van de samenleving. Zij redeneerden dat de natuur geen moreel vermogen heeft en geen ratio, en dus niet in de rechtszaal vertegenwoordigd kan zijn. Anderen stelden daartegenover dat ook bedrijven abstracte entiteiten zijn die door mensen juridisch vertegenwoordigd worden. Dit argument won ook de sceptici voor zich.

Uiteindelijk gaat het om het wegen van diverse belangen en grondrechten. En waarom zou het belang van de natuur en de aarde daarin niet meewegen?

Rivier in de rechtbank

De eerste zaak die gewonnen werd, was die van de rivier Vilcabamba tegen de gemeentelijke overheid in 2011. De rivier won recht op herstel van natuurlijke loop. De gemeentelijk overheid had een weg aangelegd en beriep zich op het recht op ontwikkeling (Provincial Court of Justice of Loja). Omwonenden hadden hier last van, en nadat zij eerst een beroep hadden gedaan op conventioneel milieurecht, wonnen zij hun zaak op basis van rechten voor de natuur. De zaak kreeg internationaal veel aandacht. Implementatie van het vonnis bleef echter jarenlang uit, en leidde tot nieuwe rechtszaken.

Ook andere kleine overwinningen werden behaald. Zo kregen mangrove bomen voorrang op een garnalenvis-ser, die zich beriep op het recht op rechtszekerheid, en werk en inkomen. Ook een varkensboer werd aan banden gelegd en onder toezicht gesteld om water en milieuverontreiniging te verminderen. Hiervan hadden omwonenden last, maar ook het recht van de natuur woog mee in de uitspraak. Verder verloren kleinschalige illegale mijnbouwers hun werktuigen, die werden vernietigd door de overheid omdat de artisanale mijnbouw waterverontreiniging veroor-zaakte. Het recht van de natuur woog hierbij zwaarder dan het recht op eigendom.

Ook dieren werden beschermd in strafzaken, zoals de bedreigde condor (een boer had trots op Facebook

‘Er is geen onderscheid tussen cultuur en natuur. De mens is onderdeel van de natuur en de aarde bepaalt de richting van het bestaan van de mens’

geposeerd met een dode condor). De haaien in de Galapagos wonnen hun zaak tegen de illegale vissers. Eerder was dat niet mogelijk omdat vissers steevast beweerden dat de haaien gevangen waren buiten de territoriale wateren van Ecuador; men kon het tegendeel niet bewijzen. Op basis van de rechten voor de natuur werd dit argument nu van tafel geveegd.

Helaas verliepen andere zaken in deze beginperiode minder positief. Een grote zaak, aangespannen door milieu-activisten tegen de Mirador mijn, werd door de rechtbank afgewezen op basis van het argument dat de natuur in de beschermde gebieden niet geraakt werd. Bovendien was er een milieuvergunning afgegeven. Op het argument dat natuur buiten beschermde gebieden ook rechten heeft en het de vraag was of de milieuver-gunning voldeed, wilden de rechters niet ingaan.

Het páramo ecoysteem kreeg in lager beroep bescher-ming tegen een dennenboomplantage, maar verloor dit vervolgens in hoger beroep.

De zaak over de oliespil van de Deep Horizon werd niet ontvankelijk verklaard omdat de Golf van Mexico niet in Ecuador ligt (over de extra territoriale werking van de grondwet bestaat echter onduidelijkheid, omdat dit in de Galapagos zaak later wel erkend is). Duidelijk was in beide zaken dat de politiek niet wilde, en de rechters onder druk stonden. Er werden daarom geen nieuwe zaken aangespannen tegen grootschalige mijn- en olie-exploratie om negatieve jurisprudentie te voorkomen.

Na de machtswisseling vond onder president Moreno (2017-2021 een herstel van de onafhankelijke rechter-lijke macht plaats, wat leidde tot opmerkelijke uitspraken die recht ingaan tegen de belangen van de nieuwe (conservatieve) regering Lasso om versterkt in te zetten op mijnbouw. Zo werd in de Sinangoe zaak besloten dat de inspraakrechten van inheemse volken (Sinangoe) gerespecteerd dienen te worden en het recht van de natuur (in casu de Amazone rivieren) prevaleert boven de voorgenomen mijnbouwconces-sies. Dit gold ook voor de gebieden de Pinas de la Chuva heuvels en het Los Cedros bos in andere rechtszaken. Deze uitspraken hebben gevolgen voor mijnbouw in heel Ecuador. Aanvankelijk werd ook het Llurimagua-gebied in het gelijk gesteld, maar deze zaak werd in hoger beroep verloren – zonder verklaring van de provinciale beroepsrechter.

In het Mirador mijnbouwproject werd echter opnieuw een nederlaag behaald: de rechter vond het niet aannemelijk dat de stuwdammen met afvalwater op korte termijn zouden kunnen doorbreken bij een aardbeving en daardoor een gevaar voor de natuur (en omwonenden) vormen. Dat dit op lange termijn wel kan gebeuren, zoals de ramp in Brazilië (Minais Gerais) aantoonde, werd niet meegewogen.

Interessant is ook dat voor het eerst een zaak werd gevoerd tegen genetisch gemodificeerde gewassen

– gebruikt door grote landbouwondernemingen – die inheemse gewassen dreigen te verdringen. Dit is verbo-den in de grondwet, en dat werd nogmaals bevestigd door de rechter, al is controle erop moeilijk. De rechter vond GMO gebruik ook een schending van ‘voedselsoe-vereiniteit’ van Ecuador, nationale zelfstandigheid in voedselverbouw, een ander begrip in de grondwet dat deel uitmaakt van Buen Vivir. In weer een andere rechtszaak werd een deel van de milieuwetgeving strijdig bevonden met de grondwet en rechten voor de natuur.

Geconcludeerd kan worden dat rechten voor de natuur wel degelijk invloed hebben in Ecuador, en soms op gespannen voet staan met conventionele ‘ontwikke-ling’. Daar zullen de Buen Vivir voorstanders tegenin brengen dat zij een ander begrip van ontwikkeling voorstaan, waarin meer delen en een eenvoudiger bestaan voorop staan.

Het legt ook meteen het dilemma van zogenaamde duurzame energiebronnen bloot, waarvoor de grondstoffen vaak in deze landen gewonnen worden, tegen grote ecologische kosten.

Andere landen in Latijns-Amerika

Rechten voor de natuur kwamen in Bolivia in een secundaire wet, en apart nog voor het gebied Lake Titicaca (2022). In Bolivia bleef rechten voor de natuur in de wet voornamelijk een dode letter. Er werd slechts één rechtszaak gevoerd. In Colombia kregen een aantal rivieren rechten via rechterlijke uitspraken (zoals de Atrato rivier in 2016). Mexico richt zijn beleid op

armonia con la naturaleza. In Argentinië won de inheemse gemeenschap (Llaka Honhat) een zaak in het Inter-Amerikaans Hof (en dwong het recht op schoon leefmilieu, cultuur en collectief eigendom af, waarbij het Hof ook rechten voor de natuur erkende). Ook in Chili bevat de nieuwe concept grondwet (2022) bepalingen over rechten voor de natuur.

Afrika, Azië, Oceanië

Was de beweging voor rechten voor de natuur rond 2005 nog in een beginnende fase, sindsdien is deze geëxplodeerd. Vele duizenden wetenschappers en activisten zijn zich ermee gaan bezighouden. In Nieuw-Zeeland werd het nationaal park Te Urewere (en de rivier en berg) in 2012 erkend als natuurrechtsper-soon, met een speciaal bestuursorgaan om het te beschermen. In Bangladesh werden de rivieren door de rechtbank erkend als rechtspersoon (2019) en levend wezen, waarbij de overheid de opdracht kreeg deze te beschermen. In Bhutan koos men voor guardianship of nature in de grondwet (2008), gebaseerd op de Boed-dhistische levensvisie van Bruto Nationaal Geluk. In India zijn de rivieren de Ganges en Yamuna tot natuurrechtspersoon verklaard door een lokale rechter, maar dit is teruggedraaid door het Hooggerechtshof (2019) wegens implementatieproblemen. Alleen Uganda erkende recent (2019) – als eerste Afrikaanse land – de rechten voor de natuur in algemene zin (dus niet alleen voor een gebied) in een wet. In Afrika is zorg voor de natuur mede ingegeven door de Ubuntu filosofie van broederschap.

Europa

Rechten voor de natuur is enerzijds een inheems begrip van respect, dankbaarheid en wederzijdse uitwisseling met de Natuur, en anderzijds een juridisch begrip om in Westers georiënteerde rechts-systemen de Natuur een stem te geven. Dit laatste werd al beargumenteerd door Christopher Stone in zijn geschrift Should Trees have Standing? uit 1972. Met andere woorden: moeten bomen ook het recht hebben

‘Lineaire groei bestaat niet, alles in de natuur groeit, vergaat en groeit opnieuw. Dus duurzame groei is een tegenstrijdig begrip’

zichzelf te vertegenwoordigen in de rechtszaal? Ook de diepe ecologie borduurt op dit soort gedachten voort. ‘Inheemse’ (zoals Germaanse) tradities van leven in harmonie met de natuur zijn verloren gegaan in Europa, maar moderne denkers hebben ook hierover nagedacht. Een inheemse, door de bevolking gedragen praktijk van leven in harmonie met de natuur helpt natuurlijk wel bij het voorkomen van natuurschade en is draagvlak voor het juridische begrip rechten voor de natuur. Een sine qua non voor uitvoering ervan is natuurlijk ook onafhankelijke rechtspraak. Er zullen zich – ook als deze rechten wel geïncorporeerd worden in wetten – nog veel andere vragen voordoen. Zoals hoe verschillende belangen te wegen, wat ‘natuurlijk’ precies is, hoe rechten van dieren te definiëren, et cetera. De jurisprudentie van Ecuador kan daarbij als voorbeeld dienen.

Wij zijn de natuur

Ook in het geval van Mar Menor stelde de omwonende bevolking: ‘Wij zijn Mar Menor’. Dus: wij zijn de natuur, hoewel we niet leven als inheemse volken. Dit voelden zij zo omdat ze zijn opgegroeid en zich verbonden voelen met het meer. Dat ze niet meer in het meer konden zwemmen door de enorme massa’s aangespoelde dode vissen, bracht de omslag. De universiteit en lokale bevolking dienden het voorstel voor rechten voor de natuur in. Ook lokale vervuilers (vaak agrarische bedrijven) deden mee. Zo groot was de schok over de natuurschade. De lokale overheden steunden het initiatief voor rechten voor het meer, de conservatieve regionale overheid echter niet. Vervol-gens is het door de bevolking met een handtekenin-

genactie als initiatiefwet ingediend bij de (progres-sieve) nationale overheid, met omzeiling van de regionale regering. Het parlement heeft dit (verplicht) in behandeling genomen.

In het wetsvoorstel wordt voor dit specifieke gebied een apart bestuursorgaan in het leven geroepen met vertegenwoordigers van verschillende belangengroe-pen. Er zullen dan ook geen rechtszaken over gevoerd worden (zoals in Ecuador) maar binnen het bestuurs-orgaan wordt onderhandeld tussen de verschillende belangengroepen. Het voordeel ervan is dat het voor een specifiek gebied geldt en potentieel makkelijker draagvlak vindt; het nadeel is dat de andere natuur geen rechten krijgt.

Bal ligt bij parlement

In veel andere landen – waar geen initiatiefrecht tot het maken van wetten voor de bevolking bestaat – zal het parlement, als enige wetgevende orgaan, het initiatief moeten nemen voor rechten voor de natuur in de grondwet, dan wel voor een specifiek gebied, Hierbij zal vaak tegenwind komen van bijvoorbeeld gevestigde agrarische, woning- of mijnbouwbelangen. Het voordeel is echter dat natuurbelangen worden meegewogen in beleidsbeslissingen.

Europa heeft in deze vorm van rechtspraak nog een lange weg te gaan. Juridisch worden nog voornamelijk rechtszaken gevoerd op basis van conventioneel milieurecht en mensenrechten. Klimaatzaken winnen wel steeds meer terrein. In Europa kwam in 2020 de studie Towards an European Union Charter of the fundamental Rights of Nature (European Economic and Social Committee) uit. In 2021 verscheen er een studie op verzoek van het Europese parlement (Can Nature get it right?). In zes Europese landen zijn rechten voor de natuur in de grondwet onderwerp van debat (geweest): Finland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Portugal en Zweden. Ook in het VK, Ierland en Denemarken worden initiatieven ontplooid.

In Nederland wordt door activisten een pleidooi gevoerd voor rechten voor de Waddenzee en voor de rivier de Maas (Maas in de wet). Het Rotterdamse ontwerpmuseum Het Nieuwe Instituut is de eerste

Zoop in de wereld geworden waarbij ook de natuur een stem heeft in het bestuur via de bestuurswaarnemer ‘Spreker voor de Levenden’ (zo-operatie is een samen-trekking van coöperatie en ‘zoe’, leven in het Grieks). Hiermee zijn voorzichtig de eerste stappen gezet naar een betere bescherming van de aarde, de natuur, biodiversiteit en het tegengaan van klimaat­ verandering.

Bronnen

Acosta, Alberto. 2018. Buen Vivir. Latijns-Amerikaanse filosofie over Goed Leven. Uitgeverij Ten Have.

American Society for International Law (ASIL). 2020. Inter-Ame-rican Court of Human Rights Recognizes the Right to a Healthy Environment | ASIL.

Burgers, Laura, en Outer, Jessica ten. 2022. Compendium Rechten voor de Natuur. Casestudies uit zes continenten. Ambasssade van de Noordzee.

Comunidades Indígenas Miembros de la Asociación Lhaka Honhat (Nuestra Tierra) v. Argentina, Inter-Am. Ct. H.R. (Feb 6, 2020) [he-reinafter IACtHR]. https://www.corteidh.or.cr/docs/casos/articulos/ seriec_400_ing.pdf

European Economic and Social Committee. 2020. Towards an EU Charter of the Fundamental Rights of Nature | European Economic and Social Committee (europa.eu).

European Parliament. 2021. Policy Department for Citizens’ Rights and Constitutional Affairs Directorate-General for Internal Policies. 2021. can nature get it right? a study on rights of nature (europa.eu). Kaufmann, Craig and Martin, Pamela. 2021. The Politics of the Rights of Nature. Cambridge, MA: MIT Press.

Putzer, Alex. 2022. Database of European Rights of Nature Initia-tives.

Ramose, Mogobe. 2018. Ubuntu. Stroom van het bestaan als levensfilo-sofie. Uitgeverij Ten Have.

UN Harmony with Nature, Rights of Nature, http://www.harmony-withnatureun.org/rightsOfNature/

Van Norren, Dorine, 2017. Development as Service: A Happiness, Ubuntu, Buen Vivir interdisciplinary perspective on the Sustainable Development Goals. PhD. Universiteit Tilburg. https://pure.uvt.nl/ws/ portalfiles/portal/19859816/Van_Norren_Development_18_12_2017. pdf

Van Norren, Dorine. 2020. The Sustainable Development Goals viewed through Groos National Happiness, ubuntu and Buen Vivir. INEA Journal. The Sustainable Development Goals viewed through Gross National Happiness, Ubuntu, and Buen Vivir | SpringerLink.

Samenvatting artikel Dorine van Norren

Samenvatting van de lezing van de lezing van Dorine van Norren

Maandagavond 17 oktober 2022 gaf Dorine van Norren de aftrap van de lezingencyclus in onze 70(!)-jarige Bilthovense Kring. Haar verhaal over de manier waarop met horten en stoten Buen Vivir bestaansrecht verovert in Spaanstalige landen kunt u vinden op deze zelfde website.

Daarom noteer ik in plaats van een samenvatting een enkele voetnoot.

Wat een flitsend begin! Na de pauze volgde dan ook een geanimeerde uitwisseling. En terecht.

Met de constitutionele verankering van Rechten voor de Natuur in 2008 in Ecuador drijft het welzijnsbegrip Buen Vivir (Goed Leven) een wig in het gangbare Westerse recht. Want deze biocentrische ervaringswijze van inheemse volken is wezenlijk anders dan de antropocentrische rechtsopvatting die van de Romeinen via Napoleon is verspreid. Anders ook dan de Universele verklaring van de rechten van de mens. Drie aspecten wil ik even voor het voetlicht brengen.

Met deze lezing beantwoordt Dorine van Norren expliciet aan onze wens om inleiders te vinden die exploreren of er een gedaantewisseling mogelijk is van de economische en politieke goden – kolonialisme en imperialisme – die ons bevangen hebben en gevangen houden.

Wat ook opvalt in de schildering van de jurisdictie van vallen en opstaan sinds 2008 bij het implementeren van Rechten voor de Natuur is de strijdlust die het vereist. Een biocentrisch bestaan staat haaks op antropocentrisch leven.

Het derde aspect in het bewerkstelligen van het Buen Vivir is het ontbreken van een typisch Westerse handelswijze: eerst denken en dan doen, waarbij de theorie de praktijk stuurt. In het toepassen van het Buen Vivir gaan in het ervaringsleren denken en doen in elkaar gestrengeld hun gang. Er is als ‘t ware een eenheid van denken en doen zoals – in de inleiding van het thema ‘Anders denken en doen’ vermeld – Spinoza nog wel wist te ontvouwen, maar waar wij, verlichte Westerlingen, vergeefs naar tasten.

Op naar de volgende ronde met Riemke Leusink/ Eva Rovers en het pleidooi: Nu is het aan ons, oproep tot een echte democratie!

Warrie Schuurman

Download of open de pdf om het artikel te lezen.